“Deze tatoeage bevat alles wat belangrijk is in mijn leven: strijdkracht, bescherming, familie en de weg terug naar huis vinden.”

Joyce is gevormd door haar ervaringen. Als tiener moest ze haar droom opgeven. Geïnspireerd door haar vader koos ze een hele andere carrière. Het rommelige, verlegen meisje veranderde in een stoere, gestructureerde moeder. Een vrouw die haar mannetje wel staat. En dat is niet onbelangrijk in de mannenwereld waar ze als fotograaf werkt en waar het om veel meer dan het perfecte plaatje gaat.

Joyce (39 jaar)
fotograaf bij Defensie met een Polynesische sleeve

Joyce - fotograaf bij Defensie met een Polynesische sleeve

“Ik wilde danseres worden. Op mijn vierde begon ik met balletlessen. Ik vond dansen heerlijk en volgde steeds meer lessen. Zes dagen per week was ik met dansen bezig. Ik groeide op in de tijd van Janet Jackson en Paula Abdul. Met hun clips als voorbeeld maakte ik mijn eigen dansen. Van dansen mijn beroep maken, dat was het enige wat ik wilde. Ik werd toegelaten tot de Dansacademie. Maar ik groeide te snel als puber. En op een dag scheurde ik tijdens het oprekken mijn botvlies. Dat betekende het einde van een danscarrière die amper begonnen was.

Als het enige en allerliefste wat je wilde doen in je leven niet meer kan, dan weet je het even niet meer. Uiteindelijk meldde ik me met 18 jaar aan bij de landmacht. Ik wilde iets actiefs doen en wat van de wereld zien. Het danswereldje was redelijk beschermd en ik was behoorlijk verlegen als meisje. Ineens stond er iemand neus aan neus tegen me te schreeuwen dat ik mijn haar in een staart moest doen. Maar de structuur en discipline voelde vertrouwd. Het familiegevoel omdat je samen hetzelfde meemaakt.

Naast de militaire basisopleiding volgde ik via Defensie een cursus portretfotografie en fotojournalistiek. Mijn vader was fotograaf. Hij fotografeerde en filmde alles in ons leven. Ik groeide onder het oog van de lens op. Als kind vond ik het magisch dat je van iets een plaatje kon maken. Ik fotografeerde als hobby. Toch was het nooit in me opgekomen om er mijn werk van te maken. Tot ik tijdens een open dag van de luchtmacht fotografen aan het werk zag. Ik solliciteerde als fotograaf bij de luchtmacht en kon aan de slag op Volkel.

Als fotograaf bij Defensie ben je geen oorlogsfotograaf in journalistieke zin. Je zoekt in principe de oorlog niet op om de ellende vast te leggen. Dat betekent niet dat het niet heftig is. We komen natuurlijk wel in oorlogsgebieden. Meestal loop je met je camera op de borst en je wapen op je rug. Maar het is ook wel eens voorgekomen dat dat andersom was: mijn camera op de rug en mijn wapen in de hand. Dan gaat het niet om het perfectie plaatje schieten, maar schieten om je eigen leven te redden. Zover is het gelukkig nooit gekomen.

“Helaas moet ik me als vrouw én fotograaf bij Defensie soms ook op een andere manier verdedigen.”

Helaas moet ik me als vrouw én fotograaf bij Defensie soms ook op een andere manier verdedigen. Het is toch nog steeds een mannencultuur. Ik ben in dienst van de luchtmacht en loop in dat uniform terwijl ik bij verschillende onderdelen werk. Dat schept nog wel eens verwarring. En dan heb ik ook nog eens een paardenstaart. Je ziet ze kijken: “wie komt daar aangelopen?” Daarbij zien niet alle militairen het nut van mijn werk in. “Moeten we daar de oorlog mee winnen? Fotootjes schieten?”, hoor je dan. Zodra ik uitleg wat ik doe en waarom, ontstaat er wel begrip. Aan de andere kant maak je als vrouwelijk militair met een camera vaak makkelijker contact met lokale bevolking.

Het werk van defensiefotografen is vooral gericht op vastlegging van routinewerk voor de eigen dienst en promotiedoeleinden. We zorgen voor een visitekaartje naar de maatschappij en media. Dat is belangrijk voor de verantwoording van de budgetten. Dat klinkt heel zakelijk, maar is het absoluut niet. Een van onze taken is het fotograferen van herdenkingsceremonies van omgekomen soldaten. Dat is heel intens. En die komen dagelijks voor in oorlogsgebieden. Defensie doet bovendien meer dan oorlog voeren. We bieden ook humanitaire hulp, zoals bij de natuurramp op Sint Maarten.

Ik ben zelf twee keer naar Afghanistan uitgezonden. De tweede keer, in 2011, wilde ik iets van mijn man voor altijd bij me hebben. Hij is ook militair bij de luchtmacht en de liefde van mijn leven. Elke keer als ik wegging, schreef ik een lief kaartje voor hem. Op de envelop krabbelde ik dan zijn voorletter. Die R liet ik op mijn pols tatoeëren. In 2013 kregen we samen een zoon. Sindsdien ga ik zelf niet meer op uitzending. Als mijn man op missie is, hebben we het zwaar. Vlak voordat hij in 2014 uitgezonden werd, lieten we samen een traditionele Polynesische tatoeage op onze bovenarm zetten. De symbolen staan voor de belangrijke dingen in ons leven: strijdkracht, bescherming, familie en de weg terug naar huis vinden.

Joyce met een Polynesische sleeve over haar leven

Door mijn reizen en ervaringen ben ik een ander mens geworden. Je realiseert je dat niets vanzelfsprekend is. Mijn familie is heel hecht, zeker de band met mijn moeder. Ze is mijn beste vriendin, steun en toeverlaat. Dankzij haar kunnen wij ons werk doen, ons inzetten voor anderen en ons leven leiden zoals we nu doen. “Bescherm wat ons dierbaar is”, is het credo van Defensie, leer ik van mijn moeder en zal ik doorgeven waar ik kan.”
pump_icon

Hoe zit dat met jou? Herken jij je in Pumps & Plaatjes en wil je je verhaal met ons delen, reageer dan via contact.

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *